Droogte

Regenval en droogte

De heviger regenval als gevolg van klimaatverandering leidt tot overstromingen, bodemerosie en aardverschuivingen in gebieden op aarde. In andere gebieden, met name in sommige tropische en subtropische regio's, zijn er langere en intensere perioden van droogte. Door de perioden van droogte neemt het wereldwijde oppervlak aan woestijnen de laatste jaren sterk toe, vooral in het zuiden van Afrika, het centrale deel van Noord Amerika en het Middellandse zeegebied. Droogte, die gepaard gaat met hittegolven, leidt ook tot bosbranden. Bosbranden worden, al of niet expres, aangestoken door mensen of worden veroorzaakt door blikseminslagen. Een nieuw fenomeen zijn de zogenaamde zombiebranden in de toendra's. Zombiebranden zijn branden die gedurende de winter, ondergronds, onder de sneeuw, ongemerkt, blijven smeulen en weer opflakkeren in de zomer wanneer de sneeuw is gesmolten. Op dit moment veroorzaken zombiebranden nog maar een klein deel van het verbrande oppervlak, minder dan een procent. De verwachting is dat, door klimaatverandering, dit soort branden steeds meer zal voorkomen. De optredende droogtes hadden ernstige gevolgen voor de mensen die door de droogte werden getroffen [IPCC], [Volkskrant].

Gevolgen in Europa

Nederland had begin juni 2018 plaatselijk te maken met ernstige wateroverlast, daarna landelijk gevolgd door een extreem warme en droge zomer met een van de ernstigste droogteperioden sinds het begin van de metingen in 1901. De grondwaterstand daalde flink door het tekort aan regen. De droogte en de lage grondwaterstand hadden nadelige gevolgen voor huizen, de scheepvaart, de landbouw en de natuur. De waterstand in de Rijn stond op de laagste stand ooit gemeten. Tot midden 2019 was er nog steeds sprake van een neerslagtekort vooral in het oosten en midden van het land. Het neerslagtekort liep in 2020 verder op. De droogte in begin 2020 hadden een aantal hevige natuurbranden tot gevolg met veel schade aan de natuur. Het voorjaar van 2020 was het droogste voorjaar in Nederland ooit gemeten. Het neerslagtekort is vooral een gevolg van de toegenomen verdamping door de hogere temperaturen, meer zonuren en minder bewolking. Ook de zomer van 2020 was droog. Op de hoge zandgronden van de Veluwe vielen beken droog. In veel gebieden was een sproeiverbod van kracht. Het neerslagtekort liep in delen van de provincies Zeeland, Brabant, Limburg en Gelderland op tot 300 mm, wat extreem hoog is. Door het natte voorjaar van 2021 is het neerslagtekort nu grotendeels verdwenen. In 2012 waren er hevige bosbranden in Spanje en Griekenland. De laatste jaren vallen stuwmeren in Spanje droog. Door een langdurige hittegolf in 2014 in Zweden en Noorwegen ontstonden in midden Zweden de ernstigste bosbranden sinds veertig jaar. De bosbranden woedden meer dan zeven dagen. In Portugal leidde hitte en de droogte in 2017 en 2019 tot hevige bosbranden. Ook aan de Franse Rivièra woeden er in 2017 bosbranden. In 2018 waren er hevige bosbranden in Griekenland, tenminste 91 mensen lieten het leven. Meer dan duizend gebouwen en driehonderd auto's werden door de brand verwoest [Volkskrant].

Gevolgen in de rest van de wereld

Rusland beleefde in 2010 een hete droge zomer. De bodem droogde uit met als gevolg bosbranden. Daarbij ging een gebied ongeveer ter grootte van de provincie Utrecht in vlammen op. In 2019 waren de bosbranden in Siberië groter dan normaal doordat de temperatuur daar gemiddeld acht graden hoger dan normaal was. De uitgedroogde bossen vlogen in brand door blikseminslagen. De rook, het roet en de as versnellen het smelten van het poolijs en de permafrost. In Iran heerst de laatste zeven jaren een extreme droogte. Rivieren en meren zijn opgedroogd, woestijnvorming is in volle gang. Het Tsjaadmeer in Afrika, eens het zesde grootste meer op aarde, is in de afgelopen veertig jaar vrijwel verdwenen. In de hoorn van Afrika heeft het de afgelopen 3 jaar niet meer geregend. India en Noord Amerika zuchtten in 2012 onder extreme droogte met gevolgen voor de voedsel- en de energievoorziening. Californië wordt, vanaf 2014 tot en met 2020, elk jaar geteisterd door hevige bosbranden. De bosbranden in 2018 waren de meest schadelijke in de geschiedenis van de staat. In 2020 breidden de bosbranden zich uit tot de staten Californië, Oregon en Washington. Er woedden honderd branden, een gebied tenminste zo groot als driekwart van Nederland (twee miljoen hectare) werd in de as gelegd. Een groot aantal branden wordt veroorzaakt door blikseminslagen. Verwacht wordt dat, door de klimaatverandering, grote delen van het westen en het midden van de Verenigde Staten in komende jaren te maken zullen krijgen met extreme droogte. In het oosten en zuiden van Australië gingen hittegolven in 2009, 2013, 2014 en 2019, gepaard met langdurige droogte en veel wind met als gevolg talloze bosbranden. De bosbranden in 2014 waren de ergste in 30 jaar maar werden overtroffen door bosbranden in 2019. Toen woedden er, aan het begin van de zomer, in november 2019, al meer dan 120 ernstige, oncontroleerbare bosbranden, bij temperaturen boven de 40 oC. In december 2019 woedden er 200 grote branden. De rookontwikkeling was zo hevig dat het overdag donker werd. De rook bereikte zelfs Nieuw Zeeland. De bosbranden hielden aan tot begin februari 2020, toen vielen er zware regenbuien die de branden grotendeels doofden. Vier miljoen hectare bos werd verwoest, 20 procent van de loofbossen verbrandde, de schade was aanzienlijk [IPCC], [Volkskrant].