De ijskap van de Noordpool

De temperatuur in het Noordpoolgebied en het smelten van het ijs

De temperatuur in het Noordpoolgebied stijgt de laatste 100 jaar gemiddeld twee tot drie keer zo snel als in de rest van de wereld. In de zomer van 2019 werd het 32 graden in Anchorage in Alaska, een nieuw record. De Beringzee was in juni 2019, drie graden warmer dan normaal, op de open oceaan lag de temperatuur zelfs zes graden boven normaal. De zomer van 2020 was de warmste ooit in het Noordpoolgebied. In Spitsbergen werd het 21,7 graden. In Siberië werd het zelfs 38 graden. De gemiddelde temperatuur lag 3 tot 5 graden hoger dan vijftig jaar geleden. Het ijs in het Noordpoolgebied smelt steeds verder weg. Het smelten wordt voor een deel veroorzaakt door een verandering in de luchtcirculatie die warme lucht naar de Noordpool voert. Het grootste deel van het smelten wordt echter veroorzaakt door de opwarming van de aarde als gevolg van de grote uitstoot van broeikasgassen door de mens. In september, aan het eind van de zomer, is het zee-ijsoppervlak minimaal. Van 1900 tot 1960 schommelde het minimum aan zee-ijsoppervlak op het noordelijke halfrond rond de 8,5 miljoen vierkante kilometer. Vanaf 1960 neemt dit minimum oppervlak aan zee-ijs sterk af; in september 2009 was het zee-ijsoppervlak afgenomen tot iets meer dan 5 miljoen vierkante kilometer. Dat is maar 60% van het oppervlak vergeleken met 1960. In 2012 en 2020 was het oppervlak aan zee-ijs verder afgenomen tot 3,4 miljoen vierkante kilometer en het volume zee-ijs tot minder dan 3400 kubieke kilometer, 72% lager dan het gemiddelde over de laatste 30 jaar. Dit betekent dat de gemiddelde ijslaagdikte is afgenomen tot minder dan een meter. Vooral het meerjarige zee-ijs is verdwenen. Verondersteld wordt dat juist de afname van het dikke meerjarige ijs, de afname van het Noordpoolijs versneld. Tussen 1994 en 2017 is in totaal 7600 Gton (8284 km3) ijs verloren gegaan. Klimaatmodellen voorspellen dat het ijs in het Noordpoolgebied rond september 2050 geheel verdwenen kan zijn. Dit is in de laatste 800.000 jaar niet eerder voorgekomen [IPCC], [Climate Dialoque], [Volkskrant].

Gevolgen voor de natuur

Het verdwijnen van het zee-ijs heeft gevolgen voor de natuur, met name voor ijsberen, walrussen, ringelrobben en zeehonden die op het zee-ijs leven. De laatste jaren worden veel meer verdronken ijsberen gevonden. IJsberen moeten nu veel grotere afstanden, zwemmend of lopend, afleggen om van de kust naar de rand van het zee-ijs te komen, waar ze jagen op ringelrobben. Anderzijds gaan ijsberen van het zee-ijs naar land om daar, in een sneeuwhol, hun jongen te werpen. Steeds meer ijsberen blijven op het vaste land en passen noodgedwongen hun menu aan. Ze voeden zich bijvoorbeeld met eieren van ganzen, eenden en sterns. Dit levert echter minder energie op waardoor de beren hun energiereserves moeten aanspreken. Dat bedreigt het bestaan van de ijsberen. Verschillende typen zeehonden brengen hun jongen groot op het ijs. Wanneer het ijs verdwijnt, worden ze eerder een prooi van roofdieren, waaronder ijsberen. De ringelrob krijgt zijn jongen in een hol onder het ijs. Het ijs wordt veel dunner waardoor veel jonge ringelrobben, voordat ze kunnen zwemmen, in het water vallen en verdrinken. Wilde rendieren begonnen in 2020 extreem vroeg met hun migratie naar het noorden. Veel pasgeboren kalveren waren nog te zwak en kwamen om. Het verdwijnen van het zee-ijs is ook schadelijk voor de algen die onder het ijs leven. Deze algen zetten nu CO2 om in groene biomassa. Door de afname van het zee-ijs leven er nu minder algen. Behalve dat nu minder CO2 wordt omgezet heeft de afname van algen op zijn beurt ook gevolgen voor het zoöplankton dat de algen eet en voor de kabeljauw, zeevogels en Groenlandse walvissen die leven van dit zoöplankton [IPCC], [National Geographic], [Volkskrant].

Gevolgen voor de opwarming

Zee-ijs reflecteert een groot deel, meer dan 80%, van het opvallende zonlicht; water reflecteert minder dan 10% van het zonlicht. Water absorbeert dus meer dan 90% van het zonlicht en wordt daardoor relatief warmer dan ijs. Als gevolg daarvan warmt de Noordpool, als het zee-ijs verdwenen is, nog verder op omdat meer zonlicht wordt geabsorbeerd. De temperatuurstijging als gevolg van het broeikasgas wordt daarmee versterkt [Volkskrant].

Gevolgen voor de scheepvaart

Een positief effect is dat steeds meer schepen in de zomer om de Noord kunnen varen in plaats van langs het Suezkanaal. In 2010 koersten 4, in 2011, 34 en in 2012, 46 schepen van Azië naar Europa via de Noordelijk IJszee. Deze route is 40% korter dan die door de Indische Oceaan en bespaart energie. Afgelopen jaren nam het de scheepvaart om de Noord verder toe. Verwacht wordt dat rond 2050 in de nazomer reguliere scheepvaart om de Noord mogelijk zal zijn. In 2016 heeft het eerste cruiseschip een tocht gemaakt van Seward in Alaska naar New York via de Noordelijke IJszee. Onderweg werd ook Groenland aangedaan [Volkskrant].

Gevolgen voor olie- en gaswinning

Het smelten van het ijs geeft mogelijkheden voor exploreren van olie- en gasvoorraden die vroeger onder het ijs lagen. Maar bij de huidige lage olieprijzen is er nog weinig animo om naar olie en gas te gaan boren [Volkskrant].